Testuitzet voor terugkeer uitgestorven riviermossel

05-04-2026
In de nevengeul bij Afferden-Deest is een bijzondere proef van start gegaan. Maandag 30 maart zijn ‘bolle stroommosselen’ uitgezet voor een pilot. Zijn de omstandigheden in de Nederlandse rivieren voldoende hersteld voor de terugkeer van de verwante Bataafse stroommossel? Deze soort stierf bijna zestig jaar geleden uit in Nederland.

De Bataafse stroommossel is van grote ecologische waarde: hij filtert rivierwater en versterkt de biodiversiteit. Als basis van de voedselketen vervult hij een belangrijke sleutelrol in het ecosysteem. Deze inheemse zoetwatermossel – die in sneller stromende delen van de rivier voorkomt dan de andere zoetwatermosselen - stierf uit in Nederland door verontreiniging van het rivierwater en gebrek aan bepaalde vissoorten waar deze mossel van afhankelijk is voor zijn voortplanting. WWF, Waardenburg Ecology, de Radboud Universiteit en ARK Rewilding Nederland onderzoeken samen of herintroductie mogelijk is.

Image
De Bataafse stroommossel heeft grote impact op zijn omgeving. Ze filteren wel 3 tot 4 liter water per uur. De mosselbanken zorgen voor bodemstabilisatie en een biodiversiteitshotspot in de (snel)stromende delen van de rivier.
De Bataafse stroommossel heeft een uitzonderlijke voortplantingsstrategie. Zo is de soort voor zijn voortplanting afhankelijk van vissen. Wanneer de mosselen geslachtsrijp zijn bewegen zij zich naar ondieper water, waar bevruchting plaatsvindt. Wanneer de mossellarven voldoende ontwikkeld zijn spuit het vrouwtje de larven uit om verderop in het water terecht te komen. Daar vestigen ze zich op de kieuwen van voorbij zwemmende vissen. En niet zomaar een willekeurige vis, de mossellarven hebben voorkeur voor zes vissoorten die zeer geschikt zijn als tijdelijke gastheer: driedoornige stekelbaars, kopvoorn, ruisvoorn, rivierdonderpad, sneep en elrits, maar ook andere vissoorten kunnen het gastheerschap op zich nemen. Als parasiet leven ze paar weken op de kieuwen van de vis waar ze bloed opnemen om een groeispurt te kunnen maken. Deze strategie voorziet ze niet alleen in voedsel maar stelt hen als mossel ook in staat zich over grotere afstanden te kunnen verspreiden stroomopwaarts. Eenmaal groot genoeg gegroeid, laten de jonge mosselen zich los en zinken naar de bodem. Daar graven ze zichzelf de bodem in om zich gedurende enkele jaren verder te ontwikkelen tot volwassen mosselen. Foto: Ioan Sirbu

Praktijktest met bolle stroommosselen

Een haalbaarheidsstudie uit 2021, uitgevoerd door de Radboud Universiteit en Waardenburg Ecology, toonde aan dat dankzij verbeterde waterkwaliteit, verbeterde visstanden en herstel van nevengeulen de omstandigheden in theorie geschikt zijn voor herintroductie van de Bataafse stroommossel. Nu is het dan tijd voor een eerste praktijktest met een niet bedreigde schelpdiersoort: de bolle stroommossel. Frank Collas (Radboud) en Nils van Kessel (Waardenburg) verzamelden de mosselen in een stilstaande plas langs de rivier. Ze werden opgemeten en kregen een uniek nummer opgeplakt om de latere monitoring goed te kunnen uitvoeren. Voor de uitzet zijn metalen kooitjes ontwikkeld door Justė Motuzaitė (ARK) en Tom van Gemert (Waardenburg) die stevig in de bodem kunnen worden gedraaid. Deze constructie zorgt ervoor dat de mosselen bij elkaar blijven en later teruggevonden kunnen worden voor de monitoring. 

Image
De mosselen worden in de nevengeul geplaatst waar ze de aankomende maanden gemonitord zullen worden.
De mosselen worden in de nevengeul geplaatst waar ze de aankomende maanden gemonitord zullen worden. Aan de onderkant van de metalen kooitjes zit een wokkel waarmee ze de bodem in worden gedraaid zodat de kooitjes niet mee worden genomen door de stroming in de geul. Foto: Lars Soerink, ARK Rewilding Nederland

De proef, bestaande uit zeven kooitjes met elk vijf mosselen erin, vindt plaats in een meestromende nevengeul van de Waal in de Afferdense en Deestse Waarden, een gebied dat in beheer is bij Staatsbosbeheer. Ykelien Damstra (ARK) en Nils van Kessel plaatsten de mosselen in de nevengeul. “Deze geul is lang genoeg om de negatieve invloed van de scheepvaart te dempen en door de stroming bevat het water voldoende zuurstof voor de mosselen”, legt Damstra uit. Zon, regen en hagel wisselden elkaar in rap tempo af terwijl Damstra en van Kessel zich met waad- en duikpak het water in begaven om de kooitjes in drie clusters uit te zetten. Damstra: “Wereldwijd gaat het slecht met zoetwatermosselen. Het zou geweldig zijn als het lukt de Bataafse stroommossel terug te krijgen in onze rivieren. Samen met natuurlijkere nevengeulen zal het prachtige riviernatuur opleveren. De test moet aantonen of de bolle stroommosselen in deze constructie in staat zijn in leven te blijven en te groeien. Bij succes kunnen de voorbereidingen om uiteindelijk de Bataafse stroommossel terug te brengen voortgezet worden.” 

Image
Ykelien Damstra (ARK) en Nils van Kessel (Waardenburg) leggen het belang uit van deze uitzet tijdens een interview voor Vroege Vogels door Rob Buiter.
Ykelien Damstra (ARK) en Nils van Kessel (Waardenburg) leggen het belang uit van deze uitzet tijdens een interview voor Vroege Vogels door Rob Buiter. Foto: Lars Soerink, ARK Rewilding Nederland

En hoe nu dan verder?

Nu de bolle stroommosselen het water in zijn gelaten, rijst de vraag: hoe gaat het proces verder? Damstra: “De bolle stroommosselen zullen de aankomende periode gemonitord worden en in het najaar, voor het hoogwaterseizoen komt, worden de kooitjes uit het water gehaald. Als de uitkomst positief is, volgt op termijn de uitzet van de Bataafse stroommossel en wordt daarmee een stapje dichterbij gezet bij de herintroductie van deze iconische uitgestorven riviermosselsoort én bij gezondere rivieren voor mens en natuur.”

Levende rivieren

Dat de Waal weer beter geschikt is voor zoetwatermosselen is mede te danken aan het project Ruimte voor de Rivier en de verbeterde waterkwaliteit door de Kaderrichtlijn Water. De komende jaren wordt een vervolg op Ruimte voor de Rivier voorbereid. WWF, Bureau Stroming en ARK Rewilding Nederland pleiten ervoor om deze kans opnieuw aan te grijpen voor meer natuur in en langs de rivieren. Ze hebben hiervoor de ‘Integrale meergeulen-aanpak' ontwikkeld, die als doel heeft waterveiligheid te verbeteren, rivierbodemdaling tegen te gaan en te zorgen voor ecologische vooruitgang van het riviersysteem door jaarrond meestromende nevengeulen te realiseren. De meergeulen-aanpak streeft naar het aanleggen van meerdere geulen van minimaal 2 km lang, zodat negatieve invloed van de scheepvaart op de riviernatuur zoveel mogelijk wordt gedempt en dusdanig worden aangelegd dat ze permanent water voeren. De meergeulen-aanpak biedt een kans om een habitat te creëren dat vrijwel ontbreekt in Nederland: permanent stromend water zonder scheepvaartinvloed. In dit soort geulen kunnen zowel vissen als zoetwatermosselen overleven en voortplanten. 

Luister naar de reportage over de testuitzet van de bolle stroommosselen in Vroege Vogels via deze link

Image
De Bataafse stroommossel en haar sleutelrol in de natuur
ARK-illustrator Jeroen Helmer tekende de Bataafse stroommossel en haar sleutelrol in de natuur. Deze soort heeft een grote impact op zijn omgeving. Ze filteren wel 3 tot 4 liter water per uur. Het heldere water zorgt voor meer lichtval op de rivierbodem waardoor andere organisme zoals waterplanten en algen daar beter kunnen leven. Ook hebben ze een positieve invloed op de voedselkringloop: omdat ze de bodem omwoelen en door hun uitwerpselen komt er meer voedsel beschikbaar voor onder andere vissen. De Bataafse stroommossel vervult ook de functie als biobouwer. De mosselen clusteren zich op de rivierbodem. Dit biedt een natuurlijke hechtingsmogelijkheid voor allerlei kleine ongewervelde dieren die in deze turbulente omgeving hier een rustig schuilplekje vinden en voldoende voedselaanbod. Ook kunnen vissen er hun eieren afzetten. Zo zorgen de mosselbanken voor bodemstabilisatie en een biodiversiteitshotspot in de (snel)stromende delen van de rivier. Illustratie: Jeroen Helmer, ARK Rewilding Nederland
Contactpersoon