Rewilding werkt voor meer natuur

In de Millingerwaard stond de mais 35 jaar geleden nog van dijk tot rivier. Nu het gebied in samenwerking met ARK Rewilding Nederland heringericht werd, geven de waterstanden van de Rijn, de wind, bevers, runderen en paarden vorm aan een bijzonder rijk natuurgebied.

Er leven meer dan drieduizend soorten, waaronder veel heel zeldzame. Die zijn opgekomen uit de zaadbank in de bodem, aangevoerd door rivier en de wind en verspreid door de grazers. Vogels zoals de zeearend vonden hier nieuw leefgebied. De dynamiek van hoog en laag water, sedimentatie, wind- en watererosie en de vormende kracht van de grazers heeft ruimte gegeven aan vele dieren en planten. Beverpoelen, stierenkuilen en begrazing maakten een  micromozaïek in de begroeiing.

Deze soortenontwikkeling is niet bedacht op de tekentafel maar is het resultaat van spontane processen die na de inrichting en introductie van natuurlijke begrazing op gang konden komen. Het gebied zal blijven veranderen en soorten zullen zich daarop aanpassen. Dat is de essentie van rewilding: natuur, zoals de natuur zich vormgeeft. 

"Ik kon mijn ogen niet geloven: allereerst natuurlijk omdat we op klaarlichte dag wolven zagen, drie zelfs! Het was voor mij de eerste keer dat ik ze in het wild in Nederland heb gezien, terwijl ik midden in hun leefgebied woon. Maar de interactie met de wisenten, en hoe die soorten op elkaar reageerden, dat was écht indrukwekkend. De laatste keer dat de mens getuige kon zijn van wolven die op wisenten jagen was in de vroege middeleeuwen. Ze zijn er weer."

Judith Slagt, programma Veluwe

Image
Sleutelrol wolf. © Jeroen Helmer

Wetenschappelijke bronnen

A scoping review of the scientific evidence base for rewilding in Europe

Leeswijzer
Rewilding wordt steeds meer wetenschappelijk onderzocht en er is een steeds grotere vraag naar wetenschappelijke onderbouwing van de effecten van rewilding. Hier lees je over peer-reviewed artikelen (publicatie tussen 2015 en 2022) over de gemeten uitkomsten van rewilding-projecten in Europa. Inclusief een duidelijk overzicht van de aantallen en geografische verdeling van rewilding-projecten.
Abstract
Restoring functional ecosystems is crucial to reversing the global biodiversity and climate crises. The concept of rewilding has gained increasing attention as a proactive tool for achieving ecosystem restoration quickly and at scale. However, the science of rewilding has been criticised for being largely theory-led rather than evidence based, a factor that continues to stymy policy actions. Here, we conduct a scoping review with the aim of mapping the nature and extent of the peer-reviewed literature that has measured outcomes of European rewilding projects. Our findings reveal significant growth in this area, although with a geographical bias towards the Netherlands and Scandinavian countries. Our synthesis of evidence shows that, although rewilding is not a biodiversity or climate panacea, there is a growing evidence base in support of theoretical propositions that it can restore biodiversity, deliver ecosystem services and support nature-based economies. To advance the field and address spatial disparity in reporting, we propose the establishment of country-specific networks of monitored and data-driven experimental rewilding projects, focused on national contexts. We also propose that the concept of standardizing the assessment of rewilding success across sites should be approached with caution, considering the site-specific and self-defining nature of rewilding outcomes. Lastly, we emphasize the importance of careful consideration by practitioners in terms of large herbivore refaunation efforts in Europe. Implementing comprehensive long-term plans to manage herbivore populations and address unforeseen effects is essential to mitigate welfare concerns, overgrazing, and reputational risks, while also maximizing biodiversity gains.